Filippijnen

Filippijnen

De Filippijnen is een eilandenrijk in het westelijk deel van de Stille Oceaan. Het bestaat uit 7100 eilanden. Samen acht keer zo groot als Nederland. Er wonen 70 miljoen mensen, Filippino’s genoemd. Onder hen veel Chinezen. Op het grootste eiland, Luzon, ligt de hoofdstad Manila.

Filipijnse priester deelt de communie uit.Koopje
Op de Filippijnen wonen katholieken, protestanten en moslims. Dat is te verklaren door de geschiedenis van het land. Vanaf de 8e eeuw kwam met Arabische handelaars de islam. In de 16e eeuw verdreven de Spanjaarden de moslims en verspreidden het katholieke geloof. Nog steeds is 80% van de bevolking katholiek.
Aan het eind van de 19e eeuw kwamen de Filippino’s in opstand tegen de Spaanse overheersers. Ze kregen hulp van de Amerikanen, die het land voor twintig miljoen dollar kochten van Spanje. Met de Amerikanen kwamen protestantse zendelingen mee. Sinds 1946 is het land onafhankelijk. De meeste moslims wonen op de zuidelijke eilanden, zoals Mindanao.

 

Heilige beelden worden in processie rondgedragenFiesta Filipina
In het hele land worden fiesta’s gehouden. Feesten ter ere van de patroonheilige. De vrouwen dragen kleurige kleding en voeren traditionele dansen op met waaiers en parasols. Er is een zangwedstrijd en een processie. Kinderen laten vliegers op. Naast het geknal van het vuurwerk luiden de kerkklokken en toeteren de automobilisten. Er worden hanengevechten gehouden en offers gebracht voor Maria, de beschermheilige van de Filippijnen.

 

Armoede
Een derde van de Filippino’s leeft onder de armoedegrens. Veel mensen hebben geen vast werk. Bovendien zijn de lonen zo laag, dat n loon niet voldoende is om van te leven. Vaak werken niet alleen de man en de vrouw, maar ook de kinderen. Ze werken op het land, als dienstmeisje, fietstaxi-chauffeur of verkoper van snoep, kranten of sigaretten.

Filipijnse verpleegsterOndernemend
Omdat er op de Filippijnen te weinig betaald werk is, verdienen veel Filippino’s hun geld in het buitenland. Het meeste geld sturen ze naar huis. In Nederland werken Filippijnse meisjes als au pair. En omdat hier te weinig medisch personeel is, worden op de Filippijnen verpleegkundigen geworven.

 

PlamboomKokospalm
Veel Filippino’s verbouwen rijst, mas en vooral kokospalmen. Van die palmen kun je alles gebruiken! De stam om huizen, bruggen, hekken en boten mee te bouwen. De vezels van de bast om touw, borstels en matten van te maken. Uit het vruchtvlees wordt kokosmelk geperst. Wat overblijft, wordt kopra genoemd. Er kan olie uit geperst worden om zeep, margarine of lampolie van te maken. De palmbladeren zijn handig als dak. De bast wordt als brandstof gebruikt. Zelfs een lege kokosnoot is handig als etensbakje.

 

Filipijnse zusterGoud
In het hoogland op het eiland Luzon leven inheemse volken. Hun gemeenschappen zijn slechts via pergpaden te bereiken. Naast erkenning van God, geloven ze ook in de god van de rivieren, de bomen en de aarde. Nog niet zo lang geleden was er in het gebied goud te vinden. De oorspronkelijke bevolking heeft hiervan weinig kunnen profiteren. Het meeste goud is door kapitalisten uit het Westen gewonnen.
De bevolking leeft van de verbouw van wortelgewassen, maar kunstmest is te duur en water wordt schaars. Gezondheid en hygine zijn een groot probleem. Veel kinderen zijn ondervoed. Filippijnse zusters komen op voor de rechten van deze mensen, speciaal voor de kinderen. De organisatie CMC ondersteunt dit project.